Een website maken

hand-out ter gelegenheid van de studiemiddag over ICT en onderwijs,
op 19 december 2001,
Christelijk College Schaersvoorde in Aalten

HET IDEE

pvdasite.JPG (129089 bytes)Een homepage vertelt een verhaal en het is goed om daar van tevoren over na te denken. Begin met een paar vellen papier, dat werkt het snelst. Het maakt het makkelijk om verschillende ontwerpideeën te proberen, zonder meteen te stoeien met software. Zie mijn voorbeeld (in schema) van de website van de PvdA-Zeeburg.

Creatief spieken bij anderen is daarbij toegestaan (dit alles onder het motto: beter goed gejat dan slecht verzonnen) (zo heb ik overigens het grootste deel van deze tekst gejat uit het tijdschrift van Planet Internet).

<voorbeelden van goede en minder goede websites>

Ook veel professionele webbouwers beginnen met het inventariseren van andermans sites. De kunst is dan om zelf de volgende stap te zetten en iets nieuws te maken.

EEN GOEDE INDELING

Houd het ontwerp simpel, zeker als u voor het eerst een website maakt. Later kunt u het altijd nog moeilijker maken. Erg belangrijk is een overzichtelijke indeling van de site. Een site bestaat meestal uit meerdere rubrieken (pagina's). Deze rubrieksindeling moet wel logisch zijn. Zorg daarom dat de rubrieksindeling op elke webpagina op dezelfde manier terugkomt. Zo'n helder stramien geeft de bezoeker houvast. Hij moet op elk moment naar een ander plekje binnen de site kunnen. En, nog belangrijker, de bezoeker moet vanaf elk punt terug naar de startpagina kunnen gaan. Zo kunnen de bezoekers niet 'verdwalen'. Zorg ook dat de pagina's zó ingedeeld worden dat ze niet te groot zijn. Het is irritant om eindeloos te moeten doorscrollen. Verdeel de inhoud liever over meerdere pagina's. (zoals ik op deze en vele andere pagina's overigens volstrekt niet doe!)

 

SAMENVATTINKJE TUSSENDOOR

Het maken van een website bestaat uit vijf stappen:

  1. het bedenken van de inhoud
  2. het maken van het ontwerp / het schetsen van de structuur / het bedenken van de vorm en het beeld
  3. het maken van de site zelf ('de techniek')
  4. het plaatsen van de site op het internet, en het bekend maken van de site bij zoekprogramma's
  5. het bijhouden en actualiseren van de site

Stap 4 en 5 lijken voor de meeste beginners het ingewikkeldst. Toch valt dat reuze mee: de techniek helpt een behoorlijk handje mee, zoals hierna zal blijken. De moeilijkheid zit veeleer bij het bedenken van een goed ontwerp (en daar komt geen computer aan te pas, alleen gezond verstand en een stukje papier). En, minstens net zo moeilijk: het beheer en onderhoud. Want het is toch erg lullig, zo'n site met 'still under construction' of met gegevens die twee jaar geleden al verlopen waren....

 

DE MEEST SIMPELE WEBSITE

Tegenwoordig zijn er allerlei plaatsen op internet waar je gratis ruimte kan krijgen om een website te maken, en die je nog helpen bij de lay-out ook. Voorbeeld: www.geocities.yahoo.com. In 15 minuten heb ik me daar aangemeld en met behulp van een programmaatje een pagina in elkaar geflanst (www.geocities.com/jmeindersma/Workshop_voor_Bouke.html)

De mogelijkheden zijn echter beperkt, en het is moeilijk om een hiërarchie in pagina's te maken. Daarom kan je beter een website maken op je eigen computer, en die naderhand op het internet plaatsen.

DE TAAL VAN EEN WEBSITE

Een website wordt gemaakt in de programmeertaal HTML. HTML staat voor HyperText Mark-up Language. HTML is, zegt men, één van de makkelijkste programmeertaal die er zijn. Toch zijn er - gelukkig -verschillende programma's, webeditors, die het je nog makkelijker maken een pagina te bouwen.

DE WEBEDITOR

De webeditor is een soort tekstverwerker, waarmee een webpagina met teksten, plaatjes en andere elementen kan worden gebouwd. Een webeditor maakt voor elke webpagina een apart bestand. Die bestanden maakt u eerst gewoon op uw eigen harde schijf. Pas in een later stadium moet u ze overzetten naar een server (een grote computer die kriskras met alle andere grote computers verbonden is, als een soort spinneweb. Daar komt ook het begrip world wide web vandaan).

Waar haalt u een webeditor vandaan? U kunt ze als shareware gratis downloaden van internet. Dat geldt bijvoorbeeld voor de webeditor CoffeeCup. Het gebruik van gratis shareware is een goede keus als u het programma eerst eens wilt proberen. Daarna kunt u beslissen of u de shareware-vergoeding betaalt of liever een pakket koopt bij de computerhandel. Populaire pakketten zijn bijvoorbeeld FrontPage en Netobjects Fusion. Professionals werken met duurdere pakketten, zoals Macromedia Dreamweaver of Adobe Golive.

Het is verstandig om eerst een beetje te oefenen met de webeditor. Begin daarom eerst met één webpagina, de eerste pagina die een bezoeker te zien krijgt als hij straks de site gaat bezoeken. Die eerste pagina moet de bestandsnaam home.html of index.html krijgen. Als u de bestandsnaam en de titel hebt bepaald, gaat u de webpagina zelf componeren. De webeditor begint, net als een tekstverwerker, met een blanco scherm. Dat kunt u vervolgens invullen met teksten en beeld.

PLAATJES

Elk pakket heeft de mogelijkheid om een plaatje in te voegen. Die plaatjes moet u dan wel eerst in uw computer zetten. Maar hoe krijgt u ze daarin? U kunt ze downloaden van internet, maar dat is niet altijd legaal. Op veel plaatjes zitten auteursrechten. U kunt ze ook tekenen met een tekenprogramma op de computer (bijvoorbeeld Microsoft Paint, standaard onderdeel van Windows). Wie een digitale camera of een scanner heeft, weet waarschijnlijk al hoe hij plaatjes daarmee in de computer krijgt. Kortom, mogelijkheden genoeg.

Vaak moet u met de webeditor ook de foto of tekening verkleinen. Vooral foto's uit een digitale camera zijn veel te groot voor een website. Hetzelfde geldt vaak voor de plaatjes uit een scanner en voor de zelfgemaakte computertekeningen. Een afmeting van 200 x 300 pixels is groot genoeg voor uw webpagina. Let bij al deze bewerkingen wel op het bestandsformaat. Want daarin hebt u voor plaatjes verschillende keuzes. De bestandsformaten GIF en JPEG worden veel gebruikt op websites. Een GIF- bestand heeft hooguit 256 verschillende kleurnuances. Voor zwartwitfoto's en tekeningen is dat meer dan genoeg. Kleurenfoto's hebben veel meer kleurnuances en zien er in GIF vaak raar gespikkeld uit.

Bij JPEG zijn er miljoenen kleuren mogelijk. Om het bestand compact te houden, wordt een krachtige methode gebruikt om informatie te comprimeren. Bij het bekijken van een JPEG kan niet alles meer foutloos worden aangevuld. Wie goed kijkt, ziet het effect van de compressie vaak in de buurt van scherpe randen. Dat worden soms vage, waterige golfjes. JPEG-formaat is erg geschikt voor bonte kleurenfoto's, maar niet voor tekeningen of scherpomrande letters.

TEKST

Letters op een webpagina zijn bijna nog moeilijker dan de plaatjes. Een leuk lettertype op de homepage ziet er op een andere computer soms heel lelijk uit. Elke webbrowser (zoals Internet Explorer of Netscape) heeft zo zijn eigen manier om letters weer te geven. Niet eik systeem beschikt over dezelfde lettertypen, bovendien worden ze vaak in een verschillende grootte weergegeven. De beste garantie is het kiezen van een populaire letter. Het lettertype Times komt op elke computer voor en de meeste computers kennen ook Arial en Helvetica. (ook hier hou ik me niet aan m'n eigen adviezen: deze website gebruikt het lettertype Century. Ziet er op onze eigen computer mooi uit, maar laat op andere computers nog wel eens te wensen over).

PUBLICEREN

Als de eerste pagina af is, gaan we meteen proberen hoe die eruit ziet op internet. Die pagina moet daarvoor worden gekopieerd van de eigen harde schijf naar de computer die onderdeel uitmaakt van het internet: een server. Ik neem Planet Internet als voorbeeld. Iemand met een normaal abonnement heeft recht op 15 MB schijfruimte, om daar een website neer te zetten. Dat neerzetten of publiceren heet 'uploaden' (in tegenstelling tot het downloaden van informatie van het internet naar een eigen computer doet u het nu andersom: van uw eigen computer naar het internet. Sommige webeditors (zoals Frontpage) helpen je daarbij, zodat je maar één icoontje aan hoeft te klikken.

OP TOURNEE

Is alles gelukt, dan volgt de tournee langs verschillende computers en webbrowsers. Ga langs bij vrienden, kennissen en collega's en bekijk op hun computers uw eigen page. U kunt nu zien of uw site ook op andere computers goed overkomt. Hoe ziet het er op de Mac uit? En doet de site het ook in Netscape? Of in een browser op een oudere computer of op een klein beeldscherm? Bij zo'n tournee kunt u zien of alle letters en kleuren op de verschillende computers goed overkomen. Probeer dan gelijk even hoe de website eruit ziet bij het printen. Als tekstvakken te breed zijn, valt soms een randje weg bij het printen. Vooral ais er veel tekst op de site staat, is zo'n printtest nuttig.

AANMELDEN BIJ ZOEKMACHINES

Al doende leert u. En als u tevreden bent over die eerste pagina, kunt u ook de andere pagina's maken. Dat gaat precies op dezelfde manier. Als alle pagina's klaar zijn, begint de rondgang opnieuw. Eerst uploaden naar Planet Internet, en daarna op verschillende plaatsen testen. Het project eindigt bij het aanmelden bij zoekmachines. Hoe makkelijker uw site te vinden is, hoe meer bezoekers u zult hebben. Begin bij de zoekmachines die u zelf het meest gebruikt. Daar zullen mensen met dezelfde belangstelling ook het liefst zoeken. Elke zoekmachine heeft een andere aanmeldingsprocedure, maar de verschillen zijn niet schokkend groot. De zoekmachines geven zelf allemaal gedetailleerde instructies.

DOMEINREGISTRATIE

Vaak voldoet een gratis eigen homepage geregistreerd onder http://home.planet.nl/-jouwnaam al goed. Maar met een beetje extra kosten kan ook www.mijnbedrijf.nl of www.uwfamilienaam.com geregistreerd worden. Of, als dat beter past een .net of .org domein. U kunt al een domeinnaam reserveren vanaf fl 6,17 (E 2,80) per maand.

Niet elke domeinnaam is voor iedereen beschikbaar. Een .nl naam is bedoeld voor ondernemers. Bij de aanvraag moet onder meer een inschrijvingsbewijs van de Kamer van Koophandel worden overlegd. Een alternatief vormen de internationale domeinnamen .com, .net en .org. Die zijn voor iedereen toegankelijk. Een .com domein wordt vaak door ondernemers gebruikt, .net voor bedrijven die toegang bieden tot internet en .org voor organisaties zonder winstoogmerk. Maar de grenzen tussen die categorieën vervagen. Controleer wel eerst even op www.planetdomein.nl of de gewenste domeinnaam nog niet in gebruik is.

HULPMIDDELEN

Uiteraard zijn er ook allerlei mensen die hebben bedacht dat het leuk is om websites te maken over.... het maken van websites. Handig dus!

Bijvoorbeeld:

Ook voor programma's als Frontpage zijn allerlei sites met tips, truc en technieken.

En verder valt inderdaad van alles te jatten of te gebruiken. Onder de indruk van bewegende plaatjes? Binnen een minuut staan ze op je site:

WAT U NOOIT MOET DOEN

  • Lange teksten op één webpagina zetten.
  • Muziek, plaatjes of tekst op de site zetten, waarvan u zelf niet het auteursrecht hebt.
  • Meteen de hele site maken, begin met één pagina en kijk hoe de site eruit ziet op internet.
  • Grote foto's op de site zetten, niet iedereen heeft zo'n snelle internetverbinding

WAT U WEL MOET DOEN

  • Een duidelijk verhaal vertellen.
  • Experimenteren. Durf uit te proberen, daarmee kunt u niets kapotmaken.
  • Eenvoudig beginnen. Daarna kunt u de site altijd nog groter en ingewikkelder maken.
  • Uw site regelmatig bijhouden. Niets is zo stom als een achterhaalde site.
  • Uw site aanmelden bij zoekmachines als hij klaar is.