REISVERSLAG

LAOS

23 februari
tot
18 maart

 

 

SAVANNAKHET

Laos is een cultuurschok na het relatief makkelijk bereisbare en toeristische Vietnam. Vanaf de grens met Vietnam nemen we een bus richting Savannakhet, volgeladen met dozen in alle denkbare plekken, zodat we helaas zonder beenruimte op weg gaan. Het is hier veel heter en de weg is ontzettend slecht en stoffig. Het lijkt Afrika wel... Savannakhet is klein, met een paar guesthouses en restaurants die voor toeristen cateren. Een slaperig, stoffig stadje. Zou heel Laos zo zijn ?!?

VERKIEZINGEN

Op 24 februari is het verkiezingsdag in Laos. Veel minder spannend dan de gemeenteraadsverkiezingen in Nederland, aangezien er maar 1 partij is. Meer een formaliteit, dus. We passeren een bord vol posters van prominenten. Men kan kiezen tussen een soort popster, een militair compleet met een rij medailles op zijn borst, een playboy of een professor. Even verderop lopen we bij een tempelcomplex binnen en vallen we middenin een stembureau, waar de leden traditioneel lao eten aan het nuttigen waren en wij werden uitgenodigd om mee te eten. Rauw vlees, sterke rijstwijn en ongekookt water en dat alles met je handen. Dat wordt weer diarree ... De leden waren al aardig onder de invloed van de rijstwijn, na het nemen van een groepsfoto en de belofte die op te sturen maakten wij ons snel weer uit de voeten. Ondertussen hebben we geen kiezer gezien ... dat gaat hier toch wel heel anders dan op stembureaus in Nederland. In Zevenaar zat ik ook op het stembureau maar daar deelden we hooguit een snoepje uit aan passanten.

PAKSE / BOLAVEN PLATEAU

We huren een brommer voor een driedaagse tocht naar het Bolaven Plateau, midden in Laos. Na een slechte ervaring in Vietnam met een brommertocht in de Central Highlands waar we in de modder zijn blijven steken en Alie twee keer met de motor gevallen is, gaan we het nu wat rustiger aan doen. We brommen samen op 1 machine in een zeer rustig tempo naar attractie nummer 1, de Tat Fan waterval. Na nog geen half uurtje rijden begint de brommer ineens te schudden: een lekke band. Gelukkig rijden we net door een dorpje, waar we met veel handengebaren een reparateur weten te vinden. Die plakt de band net als bij een fiets: alleen heeft hij een ingenieus apparaat gebouwd van een omgekeerd strijkijzer die verhit wordt zodat de lijm goed droogt en het lapje op de binnenband blijft plakken. Daarna ontdekte hij een tweede gaatje, die ook geplakt werd, dit alles voor het schamele bedrag van 2,50 gulden. Daar komt een Nederlandse fietsenmaker zijn bed niet voor uit. In Tat Fan overnachten we in een hele dure houten prive bungalow, met warme douche en veranda. De grote attractie is waterval, die we vanuit de verte bekijken en daarna rijden we met de brommer naar een andere waterval in de buurt. Die vinden na veel vragen en een wandeling door een koffieplantage, iets waar het Bolaven Plateau bekend om is. 's Avonds eten we in het openlucht restaurant met de enige andere gasten, een Zwitsers stel. De tweede dag rijden we over het plateau naar een toeristisch plaatsje met (alweer) een waterval, waar we een beetje schrikken van de hoeveelheid toeristen. Bijna alle guesthouses zijn al vol, dus moeten we uitwijken naar een lokaal hotel verder weg, die uiteindelijk veel charmanter blijkt te zijn.

WAT PHU CHAMPASAK

Wat Phu betekent Tempel op de Berg, en is een ruine uit de Khmer tijd. Deels is het nog intact, met boedhabeelden en na een steile klim over de afbrokkelende trappen, een prachtig uitzicht over de vallei. Om hier te komen steken we met brommer en al de Mekong rivier over per ferrie, niet meer dan een paar houten planken op een baggerboot gespijkerd.

VIENTIANE

We maken een helletocht van 16 uur in de bus van Pakse naar Vientiane, de hoofdstad van Laos. De rit is druk, stoffig, warm en lang, erg lang. In de bus zitten twee oude mannetjes, beide met een dikke gebreide wollen muts op, in die smoorhitte! Het laatste stuk van de tocht worden we vermaakt door een meisje die bij binnenkomst heel hard moet huilen met flinke uithalen. De busjongens (die bagage slepen en laden en lossen, en het geld moeten innen van passagiers) generen zich, want er moet natuurlijk wel betaald worden maar hoe pak je dat aan ?!? Wij brengen de tijd door met het verzinnen van redenen waarom ze zo hard moet huilen. Eindelijk in Vientiane aangekomen blijken alle hotels in het centrum vol te zijn. Na een lange zoektocht vinden we een kamer in het meest vieze hotel ooit. In de douche schieten de kakkerlakken weg als je de deur opendoet en in de kamer durf je bijna niet over het vieze zeil te lopen. De volgende dag zoeken we eerst een andere kamer, voordat we de stad gaan bekijken.

Vientiane heeft niet zo heel veel sights, blijkt na een dag. We zien wat koloniale gebouwen uit de Franse periode, wat regeringsgebouwen en veel tempels, waaronder een een grote Stupa van bladgoud. Van een afstand ziet het eruit als iets dat zo in Disneyland kan staan, met veel torentjes die een hele grote pilaar flankeren, en dat alles in glimmend goud. Naast de stupa is in een tempel een ceremonie aan de gang waar we middenin vallen. Het blijkt dat twee monnikken gepromoveerd zijn (?!?! we wisten helemaal niet dat dat kon). Ze worden rond de tempel gedragen op een verhoging en moeten zich daarna met water reinigen, wat met veel gesplets en natgooien van toeschouwers gepaard gaat. Daarna krijgen ze offers (geld) van de aanwezige gelovigen, die zich zelfs languit op de grond werpen zodat de monnikken over ze heen kunnen lopen.

HERBAL SAUNA

We bezoeken een kruiden sauna in de buurt van een tempel, waar ook massages worden gegeven. Bij aankomst blijkt het een hutje op palen te zijn, met een relaxruimte op de veranda en een hokje (de sauna) gestookt op houtvuur van onderaf. We krijgen een sarong (vrouwen moeten het tot onder de oksels vastknopen, mannen als lendendoek) en kunnen de sauna in. Het is intens heet en vochtig, niet lekker om lang in te blijven. Daarna moet je op de veranda afkoelen onder het genot van een kopje kruidenthee, dus niet zoals normaal in koud water springen. We laten ons later nog martel-masseren, waarbij alle spieren geknakt en geduwd worden. Ze wrijven niet maar zoeken drukpunten en roffelen zo nu en dan de adem uit je lijf. Maar daarna voelden we ons wel heel lekker, dus het werkt goed !

VANG VIENG

Vang Vieng is een plezieroord aan de rivier voor toeristen, waar je heel makkelijk de dagen kunt doorbrengen met totaal nietsdoen. We blijven hier een paar dagen en maken een fietstochtje naar een aantal grotten in de omgeving, luieren op een matje aan de rivier en op een middag dobberen we in een trekkerbinnenband de rivier af, 3 kilometer in 3 uur tijd. Het water staat nu heel laag, zodat we soms konden lopen op de rivierbodem om de band vooruit te duwen. Het is nog steeds heel heet in Laos, dus dit doelloos dobberen is heerlijk.

PHONSAVAN

De busrit van Vang Vieng naar Phonsavan duurt bijna 9 uur, over bergtoppen en een stuk erg slechte weg. Een uur vertraging opgelopen door een man die uit de nog rijdende bus stapte en tegen het asfalt te pletter viel. Hij was bewusteloos en bloedde hevig uit een hoofdwond. Hij werd naar de kant van de weg gedragen en na een eeuwigheid kwam er ergens een dokter vandaan, een nog jonge vent met een rugzak vol doktersspullen. Wij hadden onze vrij uitgebreide ehbo set al aangeboden, maar of ze begrepen het niet, of het was niet nodig. Na een uur werd de man in de bus geladen en op de achterbank gelegd, vrouw, kind en dokter er bij en gingen we verder. Waarschijnlijk naar het ziekenhuis in Phonsavan, wat een tocht want toen moest het slechte stuk weg nog komen. In Phonsavan is alleen 's avonds electriciteit, tussen 6 en 10 uur. En ook alleen dan (half)warm water. 's Avonds lopen we in het donker over straat, we zijn onze zaklamp vergeten. Soms vergeet je hoe donker het 's nachts kan zijn.

VLAKTE DER KRUIKEN

Dit is de grote attractie van dit gebied, eigenlijk van heel Laos. Op een aantal plekken zijn grote kruiken opgegraven, waarvan het doel en gebruik onbekend zijn. Er zijn wel wat theorieen over, gebaseerd op vondsten in en rond de kruiken. Een daarvan is dat het gebruikt is als begraafplaats, gezien de skeletten die onder de potten zijn gevonden. De kruik werd dan gebruikt voor bezittingenen die de overledene nodig zou kunnen hebben op zijn reis naar het hiernamaals. Veel kruiken zijn kapot en geroofd, zodat dit moeilijk aantoonbaar is. Wel zijn nog steeds archeologen bezig met opgravingen, op zoek naar meer gegevens. Op de eerste vlakte die we bezoeken met een toergroep bestaande uit vier Australiers en wijzelf, zijn de effecten van de geheime oorlog met Amerika duidelijk zichtbaar: bomkraters, kogelgaten in de kruiken en zichtbare loopgraven in de omringende heuvels. De heuvels zijn helemaal kaal, het gevolg van het door de Amerikanen gesproeide Agent Orange (chemicalien) waardoor bomen en platen slecht kunnen groeien, zelfs 30 jaar na dato. De kruiken zijn indrukwekkend. Sommige zijn ruim 2 meter hoog en wegen een ton. Ze zijn vermoedelijk 2000 tot 4000 jaar oud, maar dat is niet zeker. Het is een bizar gezicht, een vlakte bezaaid met stenen vaten. Ook in Phonsavan zelf zie je nog veel herinneringen aan de oorlog. Bomhulzen worden gebruikt als palen in huizen en als versiering in en rond de guesthouses. Iets buiten het dorp is een grote basis met materieel dat gebruikt wordt om nog niet geexplodeerde mijnen (uxo) te vinden en onschadelijk te maken. Dit is een van de grote problemen in Laos op dit moment. 's Ochtends hoorden we een knal van een ontplofde mijn...

LUANG PRABANG

Luang Prabang is vooral bekend om de vele tempels die nog intact zijn gebleven, van voor de Franse overheersing. Een wandeling voert ons langs een aantal van die tempels ("wat" in het Laotiaans). Verschillen in bouwstijl, decoratie, kleur etc. zijn duidelijk te zien. De tempels zijn nog echt bewoond, overal zie je oranje kleding buiten te drogen hangen. 's Ochtends vroeg om 6 uur zie je overal processies van monnikken die offers krijgen. Mooi gezicht, al die rijen monnikken die op volgorde van senioriteit (en er zitten hele jonge en hele oude bij !) die langs de gelovigen op de stoep lopen en een handje rijst in hun mand krijgen. We dachten eigenlijk dat ze geld zouden krijgen, maar het blijkt (slechts) eten. Ook hier huren we weer een brommer (prima manier om iets te zien en vaak te kunnen stoppen) en rijden we naar een grot, vol met boedhabeelden. 's Avonds hebben we gezellig bijgekletst met vrienden uit Nieuw Zeeland die we drie jaar geleden in Ecuador hebben ontmoet, en die we vandaag gewoon op straat hier tegenkwamen. Over toeval gesproken... Typisch dat het met mensen met wie je wat wil afspreken niet lukt (jammer Michiel & Mariska en Karin & Eddy !) maar wel spontaan dit soort dingen gebeuren.

LUANG NAM THA

Mede door de enthousiaste verhalen van onze Nieuw Zeelandse vrienden gaan we toch naar Noord Laos, om een tocht te maken door de bergen en minderheden te bezoeken. Daarvoor nemen we de bus naar Luang Nam Tha. We hadden de sloomste maar wel gezelligste bus: twee lokale meisjes hadden drie flessen rijstwijn gekocht en schonken met gulle hand zichzelf en de passagiers (waarvan sommige onder dwang). Handenklappend en meezingend met de muziek arriveerden we in het dorp. In Luang Nam Tha maken we een boottrip over de Nam Tha rivier waar we diverse dorpjes met Lenten minderheden bezoeken. Ze dragen zwarte kleding en de vrouwen epileren hun wenkbrauwen helemaal weg, een gek gezicht. We lunchen aan het water en zwemmen en spelen met het zoontje van de bootsman, die vol was van ons "point it" boekje voor China, waar allerlei plaatjes in staan. Terug stroomopwaarts passeren we veel vissers, sommige met een duikbril en een harpoen, anderen met visnetten in een bootje of lopend door de rivier.

MUANG SING

Omdat in Luang Nam Tha alle gidsen op training zijn waardoor er geen trektochten worden georganiseerd, wijken we uit naar het plaatsje Muang Sing, ongeveer 3 uur rijden in een open truck op harde bankjes die aan weerszijden zijn geinstalleerd. In Muang Sing sterft het van de Akka minderheden die speciaal voor de toeristen hun mooie dracht aantrekken en genadeloos toeristen achtervolgen op straat en in restaurants met armbandjes, sjaals, riemen en tassen. We maken een tweedaagse trek met vier anderen en overnachten in een Akka dorpje in de bergen. De eerste dag was voornamelijk omhoog lopen, een hele prestatie in de hitte van Laos. We trekken door een prachtig berggebied en bezoeken onderweg meerdere minderheden dorpjes. In een van de dorpjes wil een oudere man op de foto met zijn kleinkind en, veel belangrijker, zijn radio !! Tegen het donker komen we aan in het dorpje waar we slapen in het huis van het dorpshoofd. We wassen ons bij de dorpspomp, onder het toeziend oog van het halve dorp. Nog nooit zoveel belangstelling gehad tijdens het douchen. 's Avonds krijgen we een traditionele massage van de Akka vrouwen, waardoor we de vermoeiende tocht van die dag zo weer vergeten. Ze kneden meer dan masseren, met als uitsmijter het knakken van alle teenknokkels ! De tweede dag lopen we voornamelijk heuvelaf, zodat we te vroeg bij de afgesproken ophaalplek zijn en moeten wachten in een schoolgebouw. Het is zaterdag, dus geen les vandaag. Alhoewel, nadat een aantal kindertjes durven binnen te komen bij die grote vreemde mensen, weet Jan Kees ze over te halen tot een Engelse les, tellen van 1 tot 5.

NAAR THAILAND

Op 18 maart gaan we per speedboat naar de Thaise grens. De speedboat is een klein motorbootje van hout met een kussen als zitplaats. We krijgen een zwemvest aan, doen onze oordoppen in (want het maakt een ontzettende herrie) en gaan met een rotvaart ervandoor. In het begin is het doodeng, omdat de Mekong hier nauw is en rotsblokken links en rechts gezaaid liggen in het water en we heel hard gaan. Dat went gelukkig. Later bekend onze Amerikaanse reisgenoot een valium te hebben genomen in het begin. Geval van stalen zenuwen van onze kant of een neurotische reisgenoot ?!? In ieder geval, we hebben het overleefd en zijn nu in Thailand, waar we wederom een cultuurschok hebben beleefd na de stilte, rust en donkere nachten van Noord Laos. Maar meer hierover in ons volgende reisverslag.