REISVERSLAG

MALAWI

20 juli
tot
13 augustus.

 

 

MBEYA (TANZANIA) - CHITIMBA (MALAWI)

Van Sabine en Monique hebben we in Mbeya afscheid genomen. Zij reisden door in Tanzania. Samen met Jon een bus gepakt naar de grens. De grensovergang was een brug over een rivier en na de nodige (langdurige) formaliteiten uiteindelijk de grens overgestoken en een kleine minibus genomen naar Karonga (het eerste dorpje in Malawi). Er bleken geen bussen meer te gaan naar Mzuzu waar we eigenlijk heen wilden gaan. Dus liften. Na langwachten en nog wat illegaal geld wisselen konden we meerijden met een grote vrachtwagen met grote balen rijst waar we op mochten zitten. Daar zaten al een stuk of tien Afrikanen op, dus het leek net een bus. Geweldig genoten! Eindelijk niet opgepropt in een te warm busje, maar lekker doorwaaien in het stof en maar zwaaien naar de roepende mensen langs de weg. En een fantastisch uitzicht op het lake Malawi.
In het donker voor een guesthouse bij Chitimba (Mzuzu was niet meer haalbaar) uitgezet.

 

CHITIMBA

Zaterdag was een luierdag, wasdag en onderhoudsdag in Chitimba. Zelf onze kleren gewassen in een tobbe, de brander uit elkaar gehaald en weer schoongemaakt en aan het meer op een strandje gelegen. Ons guesthouse was erg 'basic'. Geen elektriciteit, geen douche en zoals bleek in het daglicht een gezamenlijk toilet in de vorm van een hutje achteraf met een stinkend gat in de grond. s' Middags speelde het nationale team van Malawi voetbal 
tegen Zuid Afrika en tot ieders verbijstering won Malawi met 1-0. Dit was voldoende reden tot een groot feest, zodat iedereen stoned en/of dronken was tegen de tijd dat wij van het strandje terugkwamen in het guesthouse. En dat terwijl de televisie waarop de voetbalwedstrijd te zien was bijna een uur lopen verwijderd was van ons guesthouse. Tijd genoeg om te ontnuchteren, zou je zeggen. Al stoned heeft Mike, de eigenaar van het guesthouse, toch nog een maaltijd voor ons en Jon in elkaar gedraaid.

 

LIVINGSTONIA

Op loopafstand (dat wil zeggen ruim vijf uur klimmen) van Chitimba ligt een dorpje in de heuvels dat rond 1900 opgezet is door Schotse missionarissen. Livingstonia lijkt op een Engels dorpje, maar dan midden in Afrika. We werden gegidst door de jongere broer van Mike, genaamd Him. Mike, die ons eigenlijk zou gidsen, kwam vanmorgen om zes uur aan met het lamme excuus dat hij last had van een ge´nfecteerde wond. Maar volgens Jon, die de wond had gezien, leek het al een oud litteken. Waarschijnlijk had hij een kater van de vorige dag (de voetbalwedstrijd).
Tijdens de zware klim werden we naast Him (de gids) en Jon vergezeld door een hond die ons gisteren als gevolgd was van het strand en klaarblijkelijk ook in ons guesthouse de nacht had doorgebracht. Deze hond liep alleen maar met blanke mensen mee. Afrikanen slaan honden of gooien stenen naar hen. 
Gedurende de wandeling spectaculaire uitzichten over het Lake Malawi, mooie watervallen en uiteindelijk na veel zweet en een lokaal biertje (leek meer op havermoutpap dan op bier) kwamen we aan in het slaperige Livingstonia. Heel apart die stenen huizen in Engelse stijl. In Stone House (de eerste missie post) uitgerust, geluncht en afscheidgenomen van Jon die vanuit Livingstonia verder zou reizen. Wij zijn samen met Him na de lunch teruggelopen naar Chitimba.

 

Him (onze gids) bij waterval Livingstonia

Him

Livingstonia

MZUZU

Helaas net de bus gemist om kwart over zeven 's morgens en daarna bijna drie uur gewacht om uiteindelijk met een truck met lading zand en passagiers te vertrekken richting Mzuzu. Na een eindeloos lange rit stonden we tien minuten voor Mzuzu stil aan de kant van de weg vanwege een 'fuel problem'! 
Ze hadden te weinig benzine meegenomen, dus werd er besloten dat een aantal mensen met minibusjes verder vervoerd zouden worden en dat een persoon met een emmertje mee zou gaan om benzine op te gaan halen in Mzuzu. Na een vergeefse zoektocht om traveller cheques in te wisselen (banken sluiten hier al om twee uur 's middags op werkdagen) op de pof bij ons hotel gegeten en na onze basic ervaring in Chitimba lekker warm gedoucht. Helaas blijkt Malawi nog niet erg internet ontwikkeld te zijn. In Mzuzu (vier na grootste  plaats en provincie hoofdstad in het Noorden van Malawi) zijn welgeteld vier oude, krakkemikkige computers te vinden. Vandaar dat onze mailtjes, foto's en reisverslagen iets minder frequent opgestuurd zullen worden dan jullie van ons gewend zijn.

 

VWAZA MARSH WILDLIFE RESERVE

Na de noodzakelijke transacties in Mzuzu, zoals geld halen bij de bank (pas na anderhalf uur wachten aangezien de wisselkoersen van die dag nog niet bekend waren (zucht.) en naar de supermarkt om inkopen te doen, zijn we per minibusje en pick-up truck naar het Vwaza Marsh park gegaan. Het is een wildlife park dat makkelijk bereikbaar is met het openbaar vervoer en dus ideaal voor ons. Je kunt er kamperen in het park (tussen de wilde dieren !!!) en onder begeleiding van een parkranger wandelingen maken in het reserve. Het laatste stuk weg was verschrikkelijk slecht, enorme gaten in de weg en veel stof, zodat we na een uur blij waren uit de pick-up te kunnen stappen. De eerste olifant was al van zeer dichtbij te zien bij de ingang van het park, op 5 meter afstand. Wel een beetje eng, want de camping is ongeveer een kilometer lopen het park in, en ondanks de olifant wuifde de ranger bij de ingang ons gewoon door, zonder begeleiding of iets! "Hoe zit dat met die olifant ?" vroeg ik angstig, waarop men antwoordde dat als er een olifant achter ons aan kwam, we maar terug moesten komen naar de ingang. Jaja, alsof we daar nog tijd voor zouden hebben .. Maar goed, onze angst bleek overdreven want we hebben zonder kleerscheuren de camping gehaald, waar overigens niet eens een hek omheen stond zodat je echt midden in het park staat. Tentje opgezet, lekker gekookt (Jan Kees dan, Alie is voor de gezelligheid en de afwas) en daarna bij een waxinelichtje en in het licht van de halfvolle maan genoten van de Afrikaanse nacht onder een prachtige sterrenhemel. En gelukkig die nacht geen wilde beesten vlakbij gezien of gehoord.

 

 

De volgende dag stond om exact 6 uur een parkranger bij onze tent voor onze eerste wandeling. Het was een klein mannetje met een enorme shotgun op zijn rug, ongeveer half zo groot als hijzelf. We hadden nog net niet onze koffie en broodjes op, Zo'n punctualiteit hadden we nog niet eerder ervaren in Afrika. De wandeling duurde 2 uur en ging door het park en langs het meer, waar een grote groep nijlpaarden lekker in het water lag. Terug op de camping zagen we na een tijdje zitten aan de picknicktafel een grote kudde olifanten passeren op nog geen 50 meter afstand, op weg om te drinken bij het meer. Even leek het of ze ons opmerkten en onze kant opkwamen, dus plukten we gauw al onze spullen bij elkaar en gingen richting tent (alsof dat zal helpen als je door een olifant wordt belaagd .), maar het bleek vals alarm. Later kwam tot onze verbazing Jon aangelopen, de Britse jongen met wie we in het zuiden van Tanzania en in het noorden van Malawi hebben gereisd. Samen met hem en nog een andere toerist uit Spanje hebben we 's middags weer een wandeling gemaakt met de parkranger. We zagen weer olifanten, ditmaal van heel dichtbij want er zat een familie achter het kantoorgebouwtje verderop, lekker te eten van struiken en bomen. En Jan Kees en ik trapten bijna op een giftige slang, die verscholen zat in laag struikgewas. En wij waren zo slim geweest om onze sandalen aan te doen ... Daarna gingen we richting de rivier, waar onze gids ons maande om stil te zijn vanwege een krokodil die daar ergens lag. Al sluipend liep hij verder, en wij er precies zo achteraan. Dat was een heel leuk fotomoment, ik hoop dat die foto gelukt is. En inderdaad, om de bocht lag een vette krokodil, die ik eerst voor een steen aanzag tot hij in beweging kwam. Terug richting camping waren de olifanten van achter het kantoorgebouw op weg naar de rivier, dwars door het pad waarop wij liepen. Na een tijdje wachten vanwege 2 vechtende olifanten die het pad blokkeerden (geweldig gezicht) bereikten we met een omweg het kantoor. 's Avonds hebben wij voor Jon en Alberto (Spaanse toerist) gekookt, aangezien zij alleen koekjes bij zich hadden, terwijl zij voor de drank zorgden. Daarvoor waren ze naar een plaatselijk winkeltje gegaan in het dichtbij gelegen dorpje, en kwamen ze terug met een enorme hoeveelheid cola en fanta en lokale sterke drank, aangezien het bier op was.

 

NKHATA BAY

Vanuit Vwaza Park via Mzuzu naar Nkhata Bay gereisd, een plaatsje aan de kust van lake Malawi. Het bleek een heel toeristisch plaatsje, met allemaal backpackers en oudere jongeren die niet veel meer deden dan de hele dag in de hotels rondhangen. Het weer was niet echt geweldig, vooral 's morgens was het regenachtig en we besloten met de boot naar een eilandje in het meer te varen, Likoma. Er zou eigenlijk een stoomboot varen die vanaf het noorden van het meer helemaal naar beneden vaart en diverse plaatsen aandoet onderweg. Helaas was die boot in reparatie en was er vervanging in de vorm van een vrachtschip die alleen twee eilanden aandoet en dan weer terugvaart naar Nkhata Bay. De boot zou om 8 uur 's avonds vertrekken maar was vertraagd tot 1 uur 's nachts. Samen met meerdere andere toeristen hebben we die tijd wachtend doorgebracht in een bar vlakbij de haven. De boot was niet echt berekend op passagiers, en zeker niet op slapende passagiers. Toen we bij de boot kwamen bleek die al stampvol met passagiers en goederen, zoals planken, balen rijst en maismeel, kippen, tassen, fruit enzovoorts. Op het dek van de eerste klas was nog wel plek, dus daar hebben we onze matjes en slaapzakken maar uitgerold, na bij te hebben betaald voor ons tweedeklas kaartje. Toch nog lekker geslapen. Helaas was het laatste stuk varen nogal ruig en dat vond Alie's maag minder prettig.

 

LIKOMA EILAND

Dscf0108.jpg (90412 bytes)Likoma is een klein eiland, 17 km2 en een inwonertal van 6000. Qua afmetingen en ligging een beetje Schiermonnikoog, maar dan zonder zilte zeelucht (het meer is wel enorm groot, maar niet zout). En behalve de politieauto en de ambulance zijn hier ook geen auto's op het eiland. Het uitladen van de boot ging op zijn Afrikaans inefficient: de boot ging voor anker in de baai, van waar we met een klein bootje naar de kade werden gevaren. De kade stond echter al helemaal vol met mensen en goederen die op de boot wilden. Dus werd het uitstappen haast onmogelijk omdat er geen plek was en je nergens je tas kwijt kon. En vanuit de boot wilde iedereen zo snel mogelijk aan wal, dus werden de tassen en dozen op de kade gesmeten waardoor je er alsnog niet meer doorkon. Al klauterend over zakken en dozen (en soms erop, jammer dan .) bereikten we uiteindelijk de wal. Jan Kees' handen jeukten om de boel eens goed te organiseren. Ik heb hem nog nooit zo vaak horen uitroepen "Dat is absoluut niet efficient !!!". Jammer voor hem lijkt dat de Afrikanen niet zoveel te interesseren. Later hoorden we van een Brits stel dat op een ander eiland was uitgestapt, een nog erger verhaal: op de terugweg was er een zangkoor van 100 vrouwen die van het eiland meegingen met de boot naar het vasteland. Toen het kleine bootje kwam, sprongen ze er allemaal in, alhoewel dat helemaal niet paste. Vrouwen stonden tot hun schouders in het water om te proberen in het bootje te klimmen. Allemaal wilden ze als eerste aan boord. Volgens de Britten scheelde het niks of de boot was gezonken. Toen bleek dat ze in hun haast om vooral mee te kunnen, de boot stuk hadden gemaakt, zodat uiteindelijk niemand meekon en er een ander bootje moest worden gevonden. Naar dit soort taferelen kun je als buitenlander alleen maar vol verbijstering kijken. Het eiland was heerlijk rustig, en we waren de enige in ons guesthouse/camping met ons tentje op het zand. Na drie dagen begon het te vervelen en gingen we weer met de vrachtboot naar het vasteland, ditmaal overdag en wel tweedeklas (want goedkoper).

 

LILONGWE

We hadden met het thuisfront afgesproken regelmatig te mailen waar we uithangen, maar dat bleek niet mogelijk in het noorden van Malawi. Vandaar dat we onze reisplannen ombogen om een bezoek aan de hoofdstad van Malawi te brengen. Daar moest het toch wel eens gaan lukken met dat internetten ! Helaas hadden we vanuit Nkhata Bay direct al pech onderweg. Het was nog steeds aan het regenen, en de weg was veranderd in een grote modderpoel waar al diverse bussen en vrachtwagens waren blijven steken. Ons minibusje waagde een dappere poging, maar het lukte niet om zonder vierwielaandrijving de heuvel in de modder op te komen. Een treurig gezicht, een gestrand minibusje in de blubber. Na eindeloos kijken en praten maar vooral niets doen van de passagiers en overige gestrande omstanders, waren wij het beu. We hebben onze rugzakken uit het busje gehaald en zijn iets verder door gelopen waar we een lift kregen van een vrouw die vanuit Mzuzu naar Nkhata wilde, maar rechtsomkeert maakte na het zien van het modderslagveld. De reis van Mzuzu naar Lilongwe was zoals vanouds langzaam, overvol en begeleid door keiharde muziek. In Lilongwe wisten we een goedkoop guesthouse te vinden die gerund werd door een Koreaanse missionaris. Hij had 8 kinderen: 7 dochters en de jongste was een zoon (eindelijk!). In Lilongwe hebben we een regeldag gehad: emailen, boodschappen doen, geld halen etcetera.

 

SALIMA - SENGA BAY

Vanuit Lilongwe zijn we met een lekker snel minibusje naar Salima gereisd, van waar we met de mountain bike verder zijn gefietst naar een hotel annex camping in de buurt van Senga Bay. Jan Kees had in Lilongwe een folder gevonden van dat hotel aan het meer buiten Senga Bay waar je vanaf Salima naartoe kan fietsen met mountainbikes die je kunt huren bij een garage in Salima. Dat leek ons wel eens wat anders, na al die minibusjes. Onze rugzakken werden vakkundig achterop gebonden met een stuk rubber band door de mannen van de garage. Het was een heerlijke rit: lekker weer, beetje wind en een op Nederland lijkend vlak landschap. Onderweg zijn we gestopt bij souvenirstalletjes waar we ons voor het eerst te buiten zijn gegaan aan souvenirs kopen, maar het was dan ook echt goedkoop en heel mooi houtwerk.

 

SENGA BAY

Het hotel bleek een privestrandje te hebben met ligstoelen, dus we hebben drie dagen al luierend hier doorgebracht. Uniek was dat ze aan de ene kant van het terrein de zonsondergang hadden en aan de andere kant de zonsopgang (alleen hebben we die niet gezien, was ons te vroeg). De enige beweging die we hadden was het meeschuiven van de ligstoelen met de schaduw van de zon. En Jan Kees had nog energie over om te snorkelen.

 

BLANTYRE

Na al die luiigheid wordt het tijd om weer eens actief te worden: we gaan wandelen in het Mulanje gebergte in het zuiden van Malawi. Maar daarvoor moeten we eerst voorraden inslaan in Blantyre, de tweede grote stad van Malawi, aangezien je in Mulanje geen winkels hebt en je zelf eten moet meebrengen in de hutten.

 

MULANJE GEBERGTE

Met alle boodschappen en een deel van onze bagage (de rest ligt in Blantyre in de opslag) gaan we op weg naar Mulanje. Eerst met een minibusje, en dan nog het laatste stuk met een pick-up over een stoffige weg. Voor het eerst tijdens onze reis zijn we voortijdig uit het openbaar vervoer gestapt: de pick-up zat zo overvol dat er reeel gevaar dreigde om er uit te vallen. Dat vonden we beide niet de moeite waard, dus zijn we halverwege maar gaan lopen. In Likabula, het plaatsje waar de Forest Station is gevestigd waar je de hutten moet reserveren en een drager annex gids kunt regelen, hebben we besloten direct diezelfde dag maar te gaan lopen naar de eerste hut. Dat zou 3 uur duren, maar wel zeer steil omhoog. Het Forest station heeft een systeem van roulatie voor de dragers, zodat iedereen gelijke kansen heeft om aan de beurt te komen. Dus kregen wij een drager toegewezen, en die had een uurtje tijd nodig om zijn spullen te pakken en eten voor zichzelf te kopen. In de tussentijd aten wij onze lunch.

 

 

DAG 1: LIKABULA - CHAMBE HUT

Om 3 uur gingen we dan eindelijk op pad. Wel een beetje krap aan voor het donker, wat in Malawi al om half 6 inzet. De klim was inderdaad behoorlijk steil omhoog en zeer pittig. Vanaf 800 meter stijg je in 2 uur 1000 meter, dus degenen die wel eens bergwandelen kunnen zich hier wel wat bij voorstellen. De uitzichten waren wel geweldig. Het laatste uur was meer vlak terrein, en moesten we snel doorlopen vanwege de invallende duisternis. In het donker bereikten we de eerste hut, die al vrij vol bleek te zitten met onder meer een groep Nederlanders. Het was inmiddels heel koud geworden en jammer genoeg bleken alle matrasjes al bezet te zijn. Wij hadden alleen een slaapzak bij ons, want we dachten dat je in hutten toch wel iets van bedden of matrassen zou krijgen. Niet dus. Mijn schoenen waren nogal vochtig, dus die had ik vlakbij het haardvuur gezet om te drogen. Helaas had iemand nog een extra blok hout op het vuur gegooid, zodat ik even later ineens de rook uit mijn schoen zag komen. De zijkant was al aan het smelten en het leer is zwaar beschadigd. Ik kan er nog wel mee lopen, maar echt lekker loopt het niet meer. De nacht was enorm koud, het vroor buiten en volgens mij binnen ook. De tocht kwam door de kieren tussen de houten planken op de vloer door. We hadden nog een poging gedaan om met jassen en sarongs een bed te maken, maar het was geen succes.

DAG 2: CHAMBE HUT - THUCHILA HUT

Vanochtend om 6 uur opgestaan, het was nog steeds enorm koud. Koffie gezet en brood gegeten en langzamerhand steeg de temperatuur naarmate de zon hoger kwam. Om 8 uur hadden we zelfs de moed verzameld om in korte broek te lopen en gingen we op pad. Prachtig weer en fantastische uitzichten over de bergen. Vooral veel klimmen en dalen, gelukkig niet meer zo steil als de eerste dag. Samen met de groep Nederlanders in de tweede hut aangekomen. We kregen nog een stukje plastic van de Nederlanders die wel allemaal een matje meehadden en medelijden met ons hadden. Deze nacht was gelukkig minder koud, al hadden we wel alle kleren aan die we bij ons hadden (ter illustratie: Alie had 3 broeken aan en 4 stuks bovenkleding).

DAG 3: THUCHILA HUT - SOMBANI HUT

Toen we vanmorgen buiten kwamen bleek het helaas bewolkt en het trok niet echt op. Jammer, want dan is het uitzicht niet te zien. Na tweeeneenhalf uur lopen kwamen we bij een hut aan waar we wel een goed uitzicht hadden op de omringende bergtoppen doordat de zon net doorbrak. We waren tot onze verbazing vrij snel bij onze hut aangekomen, waar tot onze blijdschap een stapelbed stond (alleen geen matras..). We vonden een stuk zeil/tent dat we schoonmaakten en als matras voor het onderste bed konden gebruiken. En voor het bovenste bed hebben we bij het naar bed gaan de kussens van de luie stoelen die er stonden ingepikt. Na een wasbeurt in een ijskoud bergstroompje hebben we lekker koffie gedronken en eten gemaakt. Die nacht hebben we heerlijk geslapen.

DAG 4: SOMBANI HUT - BLANTYRE

Deze laatste dag is voornamelijk afdalen, bijna net zo steil naar beneden als de eerste dag naar boven. Daarna nog twee uur lopen door kleine dorpjes op een stoffige weg met het gebergte prachtig gelegen op de achtergrond. Bij een wat grotere weg aangekomen namen we een pick-up (dit keer niet zo vol) naar Chitikali en vandaar met de minibus terug naar Blantyre. Onder het stof kwamen we aan bij ons hotel, waar we de andere rugzak uit de opslag haalden en Jan Kees de tent ging opzetten terwijl Alie als eerste mocht douchen met heerlijk warm water. Dat was wel weer lekker na al die koude bergstroompjes en stoffige wegen.

 

Zonsondergang Mulanje-gebergte

boom met mos

Alie klimt in het Mulanje gebergte

de vlakte van het Mulanje-gebergte

Alie komt over de brug

Uitzicht in het Mulanje-gebergte

Het Mulanje-gebergte op afstand

BLANTYRE

In Blantyre blijven we een dagje om het doorreisvisum naar Mozambique te regelen en onze kleren te laten wassen. We zijn zelfs naar de kapper geweest; voor 2 gulden heeft Alie haar haar laten bijpunten, terwijl Jan Kees voor datzelfde bedrag bij een kapper op de stoep zich heeft laten kortwieken. Al zijn krullen zijn verdwenen, hij heeft alleen nog een klein kuifje over. Maar Jan Kees is zeer tevreden, want kappers zijn zoals iedereen weet geldverspilling want het haar groeit toch weer aan, dus mag het zo min mogelijk kosten! Er is dit weekend een topconferentie van Afrikaanse leiders aan de gang in Blantyre, dus regelmatig werden we opgeschrikt door loeiende politiesirenes en kwam er weer een geblindeerde dure auto langsgereden in de straat. We hebben een auto uit Zimbabwe gezien (moet Mugabe geweest zijn) en een auto met Zuidafrikaanse nummerplaten (Mbeki ?!). De straten worden tijdens de conferentie verfraaid door dansende groepen vrijwilligers, uitgedost in kleding met de hoofden van de deelnemende landen erop (letterlijk en figuurlijk). Dit was onze laatste ervaring in Malawi, want morgen (14 augustus) gaan we per bus naar Harare, Zimbabwe.

vervolg